Omdat ik van een groot aandeel* van mijn doelgroep te horen kreeg dat men het niet helemaal begreep omdat het zo anders is dan waar ik normaal over blog**: de bessenregenwestern is een taalgrapje dat ik in mijn notities tegenkwam. Het is ooit begonnen als uitdaging een verhaal te schrijven met slechts 1 klinker (en medeklinkers naar smaak). Met enkel de ‘e’ lukte dat vrij aardig, met andere klinkers is het veel lastiger. Probeer zelf maar ‘s een éénklinkerverhaal te schrijven.

Het is zelfs een “verbeterde bessenregenwestern” omdat er feedback in verwerkt is van mede-taalspelers: het gele theezeefje (en meer) komt mogelijk iemand bekend voor die een geel theezeefje kwijt was in de tijd dat ik het schreef, en o.a. de edelherten en eenden waren een suggestie van mijn moeder die ook erg van spelen met taal hield. Zo zitten er dus stiekem best persoonlijke herinneringen aan die luchtige taal-lolligheid.

*) Dat gaat snel bij een kleine groep.
**) Dit heet bewust niet (meer) “Lucas’ electronica blog”, ik wil het ook wel eens over wat anders hebben.

Scene een:
Een held test de herberg: de held besteld bessenjenever, een beetje thee, en enkele peren, en heeft verder geen wensen. Men geeft slechts de jenever, de thee werd vergeten en de held kreeg eveneens geen peren. De jenever heeft geen bessen. Scherpe jenever, merkt te held. De held weent. Men pest de held en zendt hem weg. Een geel theezeefje verdween eveneens.
Scene twee:
Het hek kleppert. Een herder wed met de held: geen bessen. Ze verwedden zeven spelden en twee zeven, echter geen geld. “Geen bessen”, denkt de held, “echt wel!”. En pets! de eerste bes. Het regent bessen! Heel veel bessen! Gele bessen! De weg: één berg bessen, zeer vreemd. Men plet de bessen: bessengel. Veel te veel bessen. Men vecht: Een enge bessenhel.
Een scene verder (De derde scene):
Wespen! Veel! Help! verdelg ze! Men bevecht de wespen met een tweede theezeefje, tevergeefs. Men verkreeg geen enkel effect. De bessen regenen neer, eender men geen steek deed. Men delegeert, en belt een wespenverdelger. De wespenverdelger heet Kees. Kees bleek enkel Engels te spreken. Men neemt enkele weken lessen Engels. Ene Bert geeft deze lessen. Enkele weken verder belt men de tweede keer Kees.

Kees, de wespenverdelger, betreedt de scene. Kees bevecht de wespen met een speer, enkele neven helpen. Kees en neven verdelgen de wespen en redden met verve de held, de herder, Bert en de herberg. Egels, beren, een edelhert en eenden eten de resterende bessen, welke tegen een berk werden geveegd (Ze belemmerden het verkeer). (Lekkere bessen, menen de eenden). De regeerders vereren de wespenverdelger en geven hem een heel breed stenen beeld. (Ze zetten het echter verkeerd neer en breken het een beetje, hetgeen wel meteen hersteld werd, echter met enkele tenen teveel, te weten elf per been)

Een sterrenhemel verscheen met de tekst:
Deze western kent geen teer, pek, en veren. Wel een vreemde held welke gered werd en zelf geen mensen redde.

The End. (Wel een beetje gek)

Dit blog mag dan begonnen zijn als electronicahobbyblog, ik wil ook wel eens over iets anders schrijven. Bijvoorbeeld om een paar mooie foto’s te laten zien die ik in een midweekje Otterlo gemaakt heb. Het doel was eekhoorntjes te spotten (want je moet natuurlijk wel een doel hebben op vakantie :p), maar dat is op een heel leuke manier mislukt, want ik heb allerlei andere dieren gezien. Of breder: het doel was van de natuur te genieten en dat is helemaal gelukt.

Wie de verhalen van Toon Tellegen een beetje kent weet dat behalve de Eekhoorn ook de Mier een belangrijke rol speelt.

De Mier was druk bezig met het verplaatsen van een zanderig stukje schors.

Ook zag ik een aantal grotere dieren, zoals ‘s avonds een hert en overdag een zwijn:

Toen ik iets in een boom zag bewegen, bleek dat geen eekhoorn (laat staan de Eekhoorn van Tellegen), maar een grote bonte specht:

Ik vind het leuk om macrofoto’s te maken. Je kunt dan goed zien hoe mooi bijvoorbeeld een sprinkhaan eigenlijk is. (Een futuristisch pantser-uiterlijk met visgraatmotief op de achterpoten. Ik bouw het niet zomaar na, laat staan functioneel).

Als ik een van deze brave beesten verkeerd determineer hoop ik op een vriendelijk mailtje van een bioloog (of een boswachter, of gewoon iemand die het weet). Maar deze libelle is ook prachtig:

Er bloeide zelfs nog wat heide, met daarin een stel vlindertjes:

In de hoop eekhoorns te spotten had ik ongepelde (en ongezoute!) pinda’s in het voederhuisje bij het vakantiehuisje gelegd. Daar gaan dan vervolgens Gaaien mee vandoor, een hele gulzige gaai slokte zelfs de hele ongepelde pinda op om daarna een tweede te pakken en weg te vliegen. Andere individuen (er waren er zeker een stuk of 3, 4) zag ik dit trucje niet toepassen.

Toen ik de pinda’s pelde en wat verkruimelde, kwamen er ook kleinere vogeltjes kijken / lieten de Gaaien nog wat kruimels liggen voor de kleinere vogels. (Koolmees, pimpelmees, roodborst, lijster, een brutale merel die iedereen weer wegjoeg, en een boomklevertje)

De ene eekhoorn die ik zag schoot weg voor ik een foto kon maken, in een boom die geen spar was, in een voortuin, in de buurt van een Spar die geen boom was.

Ik vond (en vind) deze vakantie in elk geval zeer geslaagd! En als ik zo vrij mag zijn een advies uit te brengen, zou dat zijn om tussen het Maken, Solderen, Ontwerpen en Programmeren door af en toe eens naar buiten te kijken. Of te gaan.